Vondstmelding ter hoogte van 'het Tolhuis' in Tremelo

Wie van Betekom richting Tremelo rijdt zou er haast naast kijken en vergeten dat je een stukje geschiedenis voorbijrijdt: het Tolhuis. Het Tolhuis is een 18de-eeuws hoevegebouw met een oudere kern, dat tot in het begin van de 20ste eeuw in gebruik was als brouwerij. Op het einde van de 19de eeuw was het Tolhuis één van de grotere brouwerijen van de streek. 

 

De oudst gekende melding komt uit 1589, als het “hoff Baerlenberch”, de oude benaming van de Balenberg. Toen werd het in 1589 verkocht door Bartholomeus Bisschop, wiens moeder "van Tolhuysen" als bijnaam had. Aan de overzijde van de hoeve lag immers het tolhuis, waar tol werd geheven in naam van de hertog van Aarschot.  

Op het primitief kadaster (1822) bestaat het Tolhuis uit aaneengesloten gebouwen in een U-vorm. De brouwerij staat er, naast het “huis”, ingetekend als een kleine aanbouw. Op 19de-eeuwse kaarten, zoals de Poppkaart (1842-1879) en de Atlas der Buurtwegen (1841), wordt het Tolhuis beschreven als “ferme” of hoeve. We zien weinig verandering in de gebouwstructuur. 

In 1871 wordt de brouwerij aan de straatzijde uitgebreid met een aanbouw in noordoostelijke richting, in 1910 werd de brouwerij een “stoombierbrouwerij”. Hiervoor werd een bijgebouw opgetrokken aan de noordwestelijke achtergevel. Tijdens WO I werd beslag echter gelegd op al het koper van de brouwerij. Dit betekende dan ook het einde van de eeuwenoude brouwactiviteit in Het Tolhuis.

In 1929 werd de achterliggende noordwestelijke vleugel verbouwd, maar in 1956 terug afgebroken. De zuidwestelijke vleugel, die loodrecht op de vleugel aan de straatzijde staat, werd eveneens verbouwd. Ondertussen werd ook het noordoostelijke deel van de brouwerij opgedeeld in zeven aparte, kleine panden: deze huizen zijn anno 2020 de woningen in de Veldonkstraat met nummers 371 tot 383. In 1948 werd wat overbleef van het Tolhuis een horecazaak. En toen werd het stil…

Tot begin oktober 2020 één van de nieuwe bewoners van één van de aparte panden tijdens werkzaamheden in de tuin de resten van een bakstenen muur vond. Op zich niet zo spectaculair, ware het niet dat hij in het verleden ook al verschillende resten vond van bakstenen, scherven en … flessen. Omdat hij het belang inzag van de vondsten – de muur werd langer en langer en er kwam ook nog een waterput tevoorschijn – waarschuwde hij de archeologen. Deze kwamen ter plaatse, gingen aan de slag, tekenden de muren in en namen foto’s. 

Wat de vondsten zullen betekenen voor de geschiedenis van de hoeve en de latere brouwerij is op dit moment nog niet geweten. Zeker is wel dat de restanten te maken hebben met een interne verbouwing die we niet op de oude kaarten terugvinden en dus niet gekend was bij de archeologen of historici. Een spannende vondst dus. Wordt ongetwijfeld vervolgd!